Johannes van der Veur (1717-1795)

Generatie V

Johannes van der Veur; geboren Rotterdam aan de Hoogstraat, gedoopt aldaar 17-10-1717 (Jan), overleden aldaar 27-01-1795 aan de Hoogstraat bij het stadhuis, zoon van Joris van der Veur en Elsje Tamesz.

Johannes is in ondertrouw gegaan (1) Rotterdam 01-12-1754 en getrouwd aldaar 19-12-1754 met Johanna de Quack; geboren Rotterdam aan de Nieuwehaven, gedoopt aldaar 07-11-1728 (doopgetuigen waren Willem Nieuburg en Maria de Quack), overleden Rotterdam aan de Nieuwehaven 07-12-1755, begraven in de Grote Kerk 12-12-1755, dochter van Jan de Quack en Catharina Overkamp. Zij woonde aan de Nieuwehaven te Rotterdam (1728, 1754, 1755).

Johannes is in ondertrouw gegaan (2) Rotterdam 13-03-1757 en getrouwd aldaar 31-03-1757 met (en gescheiden eind 1799 van) Gijsberta de Fromantiou, ook genaamd Fromenteau en de Fromentiou; geboren Rotterdam in de Santstraat, gedoopt aldaar 12-01-1721 (Geijsbertie), overleden aldaar 21-03-1807, begraven 25-03-1807, dochter van Nicolaas de Fromantiou en Maria van der Nop. Woonde bij het huwelijk aan de Zuid-Blaak te Rotterdam. Volgens een familiebericht is zij overleden aan een beroerte.

Johannes woonde voor het huwelijk aan de Hoogstraat, vanaf 1754 met zijn gezin aan de zuidzijde van de Nieuwehaven,1Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Herbert van der Mey: 2197 Minuten van notariële akten: testament Johannes van der Veur en Johanna de Quack, 30 december 1754 (scans 742 t/m 745). later aan de Wijnhaven. Eind 1755 overleed Johanna.2Stadsarchief Rotterdam: 16 Archief van de Weeskamer: 281 Memoriaal der overledenen: Johanna de Kwak, dec. 1755 (scan 128). In 1757 trok Johannes in verband met zijn huwelijk met Gijsberta een paar keer naar notaris Herbert van der Mey. Hij beloofde “met kennisse en genoegen van de voornoemde juffr Gijsberta de Fromantjou” dat zijn zoon Paulus 500 gulden in contanten zou krijgen wanneer hij 25 jaar werd, of eerder wanneer hij zou trouwen. Hij stelde huwelijkse voorwaarden op met Gijsberta en later dat jaar een langstlevende testament.3Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Herbert van der Mey: 2200 Minuten van notariële akten: augmentatie: Johannes van der Veur, weduwnaar van Johanna de Quack (ovl. 07-12-1755) is van plan te hertrouwen en belooft “met kennisse en genoegen van de voornoemde juffr Gijsberta de Fromantjou” dat zijn zoon Paulus 500 gulden in contanten krijgt wanneer hij 25 jaar wordt, of eerder wanneer hij trouwt, 10 maart 1757 (scans 146 t/m 148); idem: huwelijkse voorwaarden van Johannes van der Veur en Gijsberta de Fromantiou, 10 maart 1757 (scans 148 t/m 150); idem: testament van Johannes van der Veur en Gijsberta de Fromantiou, 27 april 1757 (scans 301 t/m 306).

Johannes was koopman in Rotterdam. Vanaf januari 1752 handelde hij samen met Bartholomeus Hooft “in granen en’t geene de koornmarkt aengaet, als in olij, stijfsel, raep, kennip en lijnkoeken, mitsgaders verdere waren en koopmanschappen.” In juli 1753 richtten zij formeel een compagnie op voor de periode van 25 jaar, te rekenen vanaf januari 1752.4Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Willem van Rijp: 2474 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 18 juli 1753. Zij kochten onder meer gezamenlijk een oliemolen, huis, tuin, stal en koetshuis aan de Hoge Zeedijk.5Stadsarchief Rotterdam: 261 Archief van de Houthandel voorheen J. van Schijndel & Co te Rotterdam, inv.nrs. 55 t/m 62. In de loop der jaren namen ze maatregelen “ter voorkoming van alle verschillen, dewelke door en na het overlijden van een van hun compten zoude kunnen ontstaan”.6Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Cornelis Jacobi: 3083 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 4 augustus 1763; idem: Archief van notaris Justus van der Mey jr.: 3047 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 28 april 1774. Van der Veur en Hooft verklaarden elkaar “over en weder te renuntieren en elkanderen te onstlaen van den inhoud der conventie tusschen henlieden aengegaen en den 4e augustus 1763 voor den Notaris Cornelis Jacobi en zekere getuigen alhier gepasseerd, houdende die als niet aengegaen. En verklaerden opnieuws met elkanderen te zijn geconvenieerd en overeengekomen, gelijk zij zijn doende bij dezen” Pas decennia later, per 31 december 1785, werd de “Compagnie van de Heeren Van der Veur en Hooft” ontbonden en ging Johannes verder onder eigen naam: “Wordt geadverteerd, dat, ofschoon de COMPAGNIESCHAP, canterende VANDER VEUR en HOOFT en JOH. HOOFT, met onderling genoegen en overeenkomst zal gedissolveerd worden (…) egter onder de Firma van JOH. VANDER VEUR, ten zynen Huize op de Wynhaven, het tweede Huis van de Glashaven, de NEGOTIE zal worden gecontinueerd, beginnende primo January 1786.”7Rotterdamsche courant: advertentie, 8 december 1785; advertentie 10 december 1785; advertentie, 13 december 1785.

Naast koopman was Johannes brandmeester (aanstellingen in 1773, 1775)8Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 631 Resoluties van de Weth: resolutie, 25 mei 1773; idem: 633 Resoluties van de Weth: resolutie, 12 december 1775. en een aantal malen hoofdman van het waardijnsgilde (1774, 1775, 1776) en van het brandmeestergilde (1777, 1778, 1781, 1782). De hoofdlieden van de gildes werden jaarlijks door de burgemeesters aangesteld. In de jaren 1779 en 1780 was zoon Paulus hoofdman van het brandmeestergilde.9Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 2041-2051 Registers van door burgemeesters aangestelde hoofdlieden van de gilden en oudere corporaties, alsmede van commissarissen der gildefondsen: Waardijns- of warendijnsgilde: Johannes van der Veur (06-06-1774), (22-05-1775), 20-05-1776). Brandmeestergilde: Johannes van der Veur (12-04-1777, 23-04-1778, 23-04-1781 en 26-04-1782); Paulus Tamesz van der Veur (21-04-1779, 27-04-1780)

Op verzoek van Johannes legden op 30 augustus 1769 zes mensen een verklaring af bij notaris Van Rijp, omdat zij “zedert een geruijmen tijdt herrewaerts dagelijx hebben gezien en ondervonden, dat de huijsvrouw van den requirant genaemt Gijsberta de Fromantiou, is bezogt met krankzinnigheijd, in zooverre dat dezelve zig dagelijx is aenstellende als een dul en uijtzinnig mensch, razende tierende, en scheldende, en een ieder, die bij haer komt, zonder de allerminste reden, als een uijtzinnige aenvliegende en slaande”. De getuigen waren buurman Johannes Vaillant; Willem Molenaar, al 5 jaar huurder van het pakhuis onder Johannes’ woonhuis; Christina Bosschaart, dienstmeid (mei 1768-juni 1769) van Johannes en Gijsberta; Agatha de Vries, weduwe van Jacobus de Vries, die als naaister anderhalf jaar bij hen inwoonde; Cornelia Perjez, huisvrouw van Daniel van der Laar, die een maand in huis woonde “ten eijnde zijne huijsvrouw de voorn: Juffr Gijsbertina de Fromantiou op te passen en gade te slaen”; Elsje Brakel, die ook in het huis heeft gewoond, en schipper Dirk Stufkens, die ongeveer drie maanden eerder Gijsberta met haar zus aan boord ontving toen hij naar Gorcum zou varen en dat zij toen “zig als een uitzinnig mensch tegens de verdere passagiers, welke aan boord van zijn getuijgens schip waren, heeft aengestelt, dezelve heeft uitgescholden, geslagen en gekrabbelt, dat hij getuijge vervolgens onder zeijl gegaan en gearriveerd zijnde tot aen ’t houten huijsje genoodzaekt is geweest dezelve Juffr Gijsbertina de Fromantiou, aeldaer uijt te zetten, vermits zij absolut niet langer aen boord wilde blijven.”10Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Petrus Constantinus van Rijp: 3123 Minuten van notariële akten: attestatie, 30-08-1769 (scans 644 t/m 646). Johannes en Gijsberta traden gezamenlijk op bij de doop van de kleinkinderen Johanna Gijsberta (1779), Paulus Tamesz (1780) en Gijsberta (1782).

Het is niet bekend wanneer Gijsberta werd opgenomen in het Pest- en Dolhuis aan de Hoogstraat in Rotterdam. Ze woonde er in elk geval in september 1794: Johannes en Gijsberta bespraken toen bij notaris Lentfrinck de voorwaarden van een scheiding, zij werd daarin bijgestaan door haar broer en zus Jan en Willemina. Ze verklaarden “dat gedurende hunlieden samenleving de origineele comparante ter andere zijde [= Gijsberta], diverse malen het ongeluk is bejegend, dat eene verwijdering van hare huishouding voor haar noodzakelijk is geoordeeld, gelijk zij compte ter voldoening van dien, voor als nog is geconsineerd in het verbeterhuis aan het oosteinde deser stad” en dat zij “ten einde henlieden over levenstijd, zoo veel mogelijk voor ene totaal bederf en ongeluk te behoeden, geene betere en in dezen geschikter middelen zijn voorgekomen dan van den anderen te separeren in Tafel, Bed, bijwoning en goederen”.11Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Jan Hubrecht Lentfrinck: 3610 Minuten van notariële akten: scheiding van tafel en bed, 26 september 1794. Aanwezig in de studiezaal. Een dag later vroegen zij het college van de heren van de Weth hun huwelijk te mogen ontbinden. Het stadsbestuur besloot daarmee in te stemmen en Hendrik van Salk en Jan Hubrecht Lentfrinck aan te stellen als curatoren over Gijsberta “die thans nog is geconsineert in t Pest en Dulhuis”.12Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 653 Resoluties van de Weth: verzoek, 27 september 1794 (scan 485 t/m 487) en resolutie, 11 oktober 1794 (scans 505 t/m 508).
In november 1799 verzocht Gijsberta het gemeentebestuur uit de curatele te mogen worden ontslagen, ze leverde daarbij verklaringen van dr. Van Lil en een aantal burgers “met relatie tot de goede lichaems- en geestgesteldheid”. De raad stelde het besluit in handen van de heer Heijting c.s.13Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 210 Resoluties van provisionele wethouders en raden, de raad en de municipaliteit: verzoek, 28 november 1799 en resolutie, 5 december 1799. Er werd blijkbaar niet aan het verzoek voldaan, in juli 1800 werd Theodorus Mauritius Auffmondt aangesteld “tot curator over den persoon en de goederen van Gijsberta de Fromantiou” naast Jan Hubrecht Lentfrinck.14Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 210 Resoluties van provisionele wethouders en raden, de raad en de municipaliteit: resolutie, 7 juli 1800.

In 1790 stelde Johannes zijn testament op,15Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Jan Hubrecht Lentfrinck: 3601 Minuten van notariële akten: testament, 7 juli 1790. Aanwezig in de studiezaal. hij overleed 5 jaar later. Zijn schoondochter Catharina van der Veur-de Boter plaatste een annonce in de Rotterdamsche Courant: “Heden overleed myn geliefde Schoonvader, JOHANNES VANDER VEUR, aan de gevolgen van een Borstziekte, in den ouderdom van zeven-en-zeventig Jaren en drie Maanden, van welk verlies ik door dezen aan alle Vrienden en Bekenden by deze kennis geve; verzoekende van Condoleantiebrieven verschoont te blyven. CATHARINA DE BOTER, Wed. P.T. vander Veur. Rotterdam den 27 January 1795.”

Overlijdensannonce Johannes van der Veur in de Rotterdamsche Courant, 29-01-1795

Uit het eerste huwelijk:

  1. Paulus Tamesz van der Veur; gedoopt Rotterdam 06-11-1755 (als Paulus Tamesz, doopgetuigen waren Paulus Tamesz en Elsje Tamesz), overleden Krimpen aan den Lek 23-01-1792. Hij is getrouwd Rotterdam 18-06-1775 met Johanna Catharina de Boter; geboren Rotterdam op ’t Visserdijk, gedoopt aldaar 05-03-1754, overleden Didam 30-03-1813, dochter van Willem Cornelisz de Boter en Niesje van der Schans.

Bronnen en noten

  • 1
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Herbert van der Mey: 2197 Minuten van notariële akten: testament Johannes van der Veur en Johanna de Quack, 30 december 1754 (scans 742 t/m 745). ↩︎
  • 2
    Stadsarchief Rotterdam: 16 Archief van de Weeskamer: 281 Memoriaal der overledenen: Johanna de Kwak, dec. 1755 (scan 128). ↩︎
  • 3
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Herbert van der Mey: 2200 Minuten van notariële akten: augmentatie: Johannes van der Veur, weduwnaar van Johanna de Quack (ovl. 07-12-1755) is van plan te hertrouwen en belooft “met kennisse en genoegen van de voornoemde juffr Gijsberta de Fromantjou” dat zijn zoon Paulus 500 gulden in contanten krijgt wanneer hij 25 jaar wordt, of eerder wanneer hij trouwt, 10 maart 1757 (scans 146 t/m 148); idem: huwelijkse voorwaarden van Johannes van der Veur en Gijsberta de Fromantiou, 10 maart 1757 (scans 148 t/m 150); idem: testament van Johannes van der Veur en Gijsberta de Fromantiou, 27 april 1757 (scans 301 t/m 306). ↩︎
  • 4
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Willem van Rijp: 2474 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 18 juli 1753. ↩︎
  • 5
    Stadsarchief Rotterdam: 261 Archief van de Houthandel voorheen J. van Schijndel & Co te Rotterdam, inv.nrs. 55 t/m 62. ↩︎
  • 6
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Cornelis Jacobi: 3083 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 4 augustus 1763; idem: Archief van notaris Justus van der Mey jr.: 3047 Minuten van notariële akten: contract Johannes van der Veur en Bartholomeus Hooft, 28 april 1774. Van der Veur en Hooft verklaarden elkaar “over en weder te renuntieren en elkanderen te onstlaen van den inhoud der conventie tusschen henlieden aengegaen en den 4e augustus 1763 voor den Notaris Cornelis Jacobi en zekere getuigen alhier gepasseerd, houdende die als niet aengegaen. En verklaerden opnieuws met elkanderen te zijn geconvenieerd en overeengekomen, gelijk zij zijn doende bij dezen” ↩︎
  • 7
    Rotterdamsche courant: advertentie, 8 december 1785; advertentie 10 december 1785; advertentie, 13 december 1785. ↩︎
  • 8
    Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 631 Resoluties van de Weth: resolutie, 25 mei 1773; idem: 633 Resoluties van de Weth: resolutie, 12 december 1775. ↩︎
  • 9
    Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 2041-2051 Registers van door burgemeesters aangestelde hoofdlieden van de gilden en oudere corporaties, alsmede van commissarissen der gildefondsen: Waardijns- of warendijnsgilde: Johannes van der Veur (06-06-1774), (22-05-1775), 20-05-1776). Brandmeestergilde: Johannes van der Veur (12-04-1777, 23-04-1778, 23-04-1781 en 26-04-1782); Paulus Tamesz van der Veur (21-04-1779, 27-04-1780) ↩︎
  • 10
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Petrus Constantinus van Rijp: 3123 Minuten van notariële akten: attestatie, 30-08-1769 (scans 644 t/m 646). ↩︎
  • 11
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Jan Hubrecht Lentfrinck: 3610 Minuten van notariële akten: scheiding van tafel en bed, 26 september 1794. Aanwezig in de studiezaal. ↩︎
  • 12
    Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 653 Resoluties van de Weth: verzoek, 27 september 1794 (scan 485 t/m 487) en resolutie, 11 oktober 1794 (scans 505 t/m 508). ↩︎
  • 13
    Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 210 Resoluties van provisionele wethouders en raden, de raad en de municipaliteit: verzoek, 28 november 1799 en resolutie, 5 december 1799. ↩︎
  • 14
    Stadsarchief Rotterdam: 1-01 Oud Archief van de Stad Rotterdam (OSA): 210 Resoluties van provisionele wethouders en raden, de raad en de municipaliteit: resolutie, 7 juli 1800. ↩︎
  • 15
    Stadarchief Rotterdam: 18 Notarissen te Rotterdam (ONA): Archief van notaris Jan Hubrecht Lentfrinck: 3601 Minuten van notariële akten: testament, 7 juli 1790. Aanwezig in de studiezaal. ↩︎

Joris van der Veur (1686-1722)

Generatie IV

Joris van der Veur; geboren Rotterdam buiten de Oostpoort, gedoopt aldaar 24-02-1686 als Jores (doopgetuigen waren Elsie Joris en Annetge Roelofs), overleden Kaap de Goede Hoop, Zuid-Afrika 15-06-1722*, zoon van Thomas Roelofs van der Veur en Catelijn (Lijntje) Jans Pel.

Joris is in ondertrouw gegaan Alkmaar 08-04-1708 en getrouwd aldaar 29-04-1708 met Elsje Tamesz, ook genaamd Elsje Tamis en Elsie Tamesse; gedoopt Amsterdam, Oude Kerk 15-01-1683 (Elsie), overleden Rotterdam Houttijn bij de Molensteeg 28-06-1767,1Zie voor de overlijdensdatum onder andere haar boedelinventaris, 3 mei 1768. begraven Rotterdam, Noorderkerk, w. kelder 03-07-1767, dochter van Paulus Jansz Tamisz en Catharina Schouten.

Bij hun huwelijk werd het paar ingeschreven als Floris van der Veur en Elsje Tamis. Joris was destijds kleermaker in Alkmaar. Joris’ moeder gaf toestemming per notariële akte.2Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 1576, toestemming “Lijntie Jans, wed2 van Thomas vander Veur”, 3 april 1708. Het echtpaar verhuisde in 1709 naar Rotterdam, waar Joris wantsnijder werd.3Als wantsnijder vermeld in o.a. Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 1578, verhuur van een huis op de hoek van de Jongmansteeg bij de Leuvehaven aan een collega-wantsnijder, 15 januari 1710.

Elsje stelde in september 1734 een testament op en verklaarde tot haar “eenige en algeheele Erfgenaemen te noemen en te stellen hare vijf kinderen, Paulus, Christina, Katharina, Thomas, en Johannes vander Veur”,4Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 2455, testament “Elsje Tames, wed2 van wijlen Joris vander Veur”, 11 september 1734. in gelijke delen. Ze zou nog vijf keer een nieuw testament opstellen, onder andere na overlijden van Paulus en Catharina, haar laatste in 1764.5Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 2464, testament Elsje Tames, 23 januari 1743 (scans 10-11); idem, inv.nr. 2468, testament Elsje Tames, 11 april 1747 (scans 155-156); idem, inv.nr. 2477, testament Elsje Tames, 15 oktober 1756 (scans 407-408); idem, inv.nr. 2478, testament Elsje Tames, 16 maart 1758 (scans 481-482);
idem, inv.nr. 3032, testament Elsje Tames, 28 november 1764 (sans 636 t/m 638).
Blijkbaar was ze winkelierster, in haar testament van januari 1743 is sprake van “hare natelaten winkelwaren”. Bij haar overlijden bezat ze geen pand in Rotterdam, wel drie in Weesp.

Elsjes vader was onderwijzer, kunsthandelaar en kopergraveur in Amsterdam.6Poulus Jansz Tamesse, WikiTree. Haar broers Paulus en Johannes vestigden zich als graveurs in Rusland. In 1743 machtigde “Juff Elsje Tamesz weduwe Joris van der Veur voor haer zelf en ook als gemagtigde van Paulus Thames te St. Petersburg die ook procuratie hadde van John Thamesz in Mosco” Paulus van Hemert om zaken voor haar te regelen betreffende een losrentebrief. Ze ondertekende de akte als elsje tamesz weduwe van joris van der veur.7Stadsarchief Amsterdam: Notariële archieven, archiefnummer 5075, inventarisnummer 9169, aktenummer 248807: machtiging, 3 augustus 1743.

Elsje Tames overleed op 84-jarige leeftijd. Zoals zij drie jaar eerder had bepaald, handelden Johannes van der Veur en Johannes Vaillant als executeurs-testamentair de nalatenschap af.8Akten inzake de afhandeling van haar nalatenschap, hierin worden ook Christina, Johannes en Thomas van der Veur genoemd: 3119/77: Thomas machtigt Johannes van Swartsenburg om hem te representeren inzake de afhandeling van de nalatenschap van Elsje Tames en toe te zien op de afhandeling door de executeurs-testamentair Johannes van der Veur en Johannes Vaillant, 15 juli 1767; 3037/707: boedelinventaris Elsje Tames, 3 mei 1768 (scan 437 t/m 447); 3037/727: verklaring van Johannes van der Veur en Johannes Vaillant als executeurs-testamentair, 3 mei 1768 (scans 447-448); 3027/729: rekening nalatenschap, 3 mei 1768 (scans 449-456); 3037/744: Johannes van Zwartsenburg -namens Thomas van der Veur- en Christina van der Veur verklaren alle stukken van de executeurs-testamentair te hebben gezien “dezelve Rekening in alle hare pointen, leden en deelen (…) voor goed, doegdelijk en wel te houden en erkennen”. Christina verklaarde bovendien haar moeders erfdeel te hebben ontvangen, 3 mei 1768 (scan 457).

Uit dit huwelijk:

  1. Tomas van der Veur; geboren Alkmaar 20-02-1709, gedoopt Alkmaar, Grote Kerk 21-02-1709, overleden Alkmaar 27-05-1711.
  2. Paulus van der Veur; gedoopt Rotterdam 28-08-1710 als Poulus (doopgetuigen waren Poulus Tamisz en Catharina Schouten), overleden aan het Oostend over ’t vrouwenhuis, begraven 20-05-1738. Paulus is getrouwd Rotterdam 24-08-1732 met Adriana van den Bergh, ook genaamd van den Berg; gedoopt Rotterdam 27-03-1715, overleden, dochter van Jacobus van den Bergh en Cornelia Maarling.
  3. Christina van der Veur, ook genaamd Kristina; geboren Rotterdam aan de Stijger, gedoopt aldaar 20-03-1712 (doopgetuigen waren Adriaen Salm en Christina Schouten), overleden Rotterdam Hang naast Van Aa, begraven aldaar 15-09-1774. Ze stelde in mei 1743 een testament op, dat in februari 1747 werd vervangen door een langstlevende testament samen met haar man.9Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 2869, testament “Christina van der Veur meerderjarige ongehuwde dogter”, 25 mei 1743 (scans 51 t/m 54); idem, inv.nr. 2468, testament “Willem van Os, ijzerkooper, en juffr. Cristina vander Veur”, 27 feruari 1747 (scans 87-88). Woonde aan de Hoogstraat (1746) te Rotterdam. Christina is getrouwd Rotterdam 01-05-1746 met Willem van Os; gedoopt Rotterdam 14-05-1713, overleden aldaar Hang bij Zijl, begraven Rotterdam, Prinsenkerk 01-02-1765, zoon van Pieter Clase van Os en Magdalena Willems Goutswaert. Willem was ijzerkoper (1747).
  4. Catharina (Caatje) van der Veur; geboren Rotterdam aan de Hoogstraat bij de Valkesteeg, gedoopt aldaar 21-01-1714 (doopgetuigen waren Adriaan Salm en Annetge Roelofs), ongehuwd overleden Rotterdam aan de Hoogstraat over de Griekse A,10Stadsarchief Rotterdam: 16 Archief van de Weeskamer: 280 Memoriaal der overledenen: Catarina van der Veur, 24 t/m 30 april 1746 (scan 132). begraven Rotterdam, Nieuwe Kerk 25-04-1746. Ze wordt vermeld als Caatje in het testament van haar zus Christina in mei 1743. Een jaar later stelde ze zelf haar testament op, ze ondertekende als Catarijna Van Der Veur.11Stadsarchief Rotterdam: toegang: 18 Archieven van de Notarissen (ONA), inv.nr. 2465, testament “Katharina vandr Veur, meerderjarige dogter”, 25 mei 1744.
     
    Volgens sommige online genealogieën zou zij getrouwd zijn geweest met soldaat Roelof Johannes Lentz en daarmee grootmoeder zijn van Anna Catharina Lentz (1781-1860) die trouwde met Thomas van der Veur (1777-1859). Het is niet duidelijk waarop deze aanname is gebaseerd.
  5. Thomas van der Veur; geboren Rotterdam aan de Hoogstraat, gedoopt aldaar 03-11-1715 als Tomas (doopgetuigen waren Jan Tames en Geertruij Seijes), overleden Zaltbommel 25-03-1790. Koekenbakker in Rotterdam en Zaltbommel. Thomas is getrouwd Rotterdam 22-04-1742 met Maertie van Blommendael; geboren Rotterdam in de Lombertstraat, gedoopt aldaar 06-07-1721 (Maertie van Bloemmendael), overleden aldaar aan de Botersloot bij Herestraat, begraven aldaar 11-01-1786 (Maritie Blommendaal), dochter van Enoch van Blommendaal en Marijtje Bosman.
  6. Johannes van der Veur; geboren Rotterdam aan de Hoogstraat, gedoopt aldaar 17-10-1717 (Jan) (doopgetuigen waren Jan Tames en Geertruij Tames), overleden 27-01-1795 aan de Hoogstraat bij het stadhuis. Johannes is getrouwd (1) Rotterdam 19-12-1754 met Johanna de Quack; gedoopt Rotterdam 07-11-1728, begraven Rotterdam, Grote Kerk 12-12-1755, dochter van Jan de Quack en Catharina Overkamp. Johannes is getrouwd (2) Rotterdam 31-03-1757 met Gijsberta de Fromantiou, ook genaamd Fromenteau en de Fromentiou; gedoopt Rotterdam 12-01-1721 (Geijsbertie), overleden aldaar 21-03-1807, begraven 25-03-1807, dochter van Nicolaas de Fromantiou en Maria van der Nop.

Bronnen en noten